Werk je in loondienst, dan houdt je werkgever rekening met de algemene heffingskorting en arbeidskorting. Deze kortingen samen heten de loonheffingskorting. Hiermee betaal je minder loonbelasting, en hou je dus meer loon over.

Hoe regel je loonheffingskorting?

Je vraagt je werkgever of uitkeringsinstantie schriftelijk om toepassing van de loonheffingskorting. Daarnaast moet je een loonbelastingverklaring invullen. Ook hierop geef je aan of je de korting wilt laten toepassen. De loonbelastingverklaring krijg je meestal van je werkgever. Zo niet, dan kun je deze ook bij de Belastingdienst krijgen.

Als je verschillende werkgevers hebt

Werk je tegelijkertijd bij verschillende werkgevers? Of werk je naast je uitkering? Vraag dan bij 1 werkgever de korting aan. Zou je de loonheffingskorting bij alle werkgevers gebruiken, dan krijgt je te veel korting. Je betaalt dan te weinig loonbelasting en moet achteraf belasting terugbetalen.

Je kunt de heffingskorting het beste aanvragen bij de werkgever bij wie je het meeste verdient. Werk je in 1 jaar bij meerdere werkgevers na elkaar? Dan kun je de heffingskorting bij elke werkgever aanvragen.

Geen korting toepassen

Je kunt er ook voor kiezen helemaal geen loonheffingskorting toe te laten passen. Dan kun je na afloop van het kalenderjaar om een teruggave vragen. Dit regel je online bij de Belastingdienst.

Ben je lid van FNV? Dan krijg je gratis belastingadvies.